|
De maatregelen betreffende het voorbehouden van parkeerplaatsen voor
gehandicapte personen moeten in een aanvullend reglement
worden bepaald. Dit reglement wordt door de Gemeenteraad beslist en dient
door de toezichthoudende
overheid voor goedkeuring voorgelegd.
Praktisch worden de parkeerplaatsen voor gehandicapten door de technische
verkeersdienst beheerd.
Het voorbehouden van parkeerplaatsen wordt aangeduid door het E9a sein:
een wit "P" teken op blauwe achtergrond, eventueel aangevuld
door de tekening van een gehandicapte in een rolstoel. Dit sein kan ook
op de bodem in witte kleur worden herhaald. Het schilderen van het witte
sein op de bodem volstaat niet om het voorbehouden van een parkeerplaats
te bekrachtigen. Zo nodig zal het teken worden aangevuld door een pijl
die de aanvang van de parkeerplaats bepaalt en de afstand waarop ze van
toepassing is. Best begrenst men ook op de bodem de voorbehouden parkeerplaats(en),
behalve indien verwarring kan ontstaan (afbakening van geïsoleerde
parkeerplaatsen op de openbare weg).
Wanneer de parkeerplaats voor gehandicapten op een parkeergebied wordt
voorbehouden of op de openbare weg, rechtstandig of schuins
op het midden van de weg, dan moet de parkeerplaats breder zijn dan van
gewoonte, om
het in- en uitstappen van de gehandicapte persoon te vergemakkelijken
(b.v.: 3,50m in plaats van 2,20 m).
Het is ook mogelijk dat het voorbehouden van een parkeerplaats niet voortdurend
nodig is, b.v. langs een postkantoor, volgens de openingsuren:
het E9a sein met het teken zal dan worden aangevuld met de periode wanneer
het
voorbehouden daadwerkelijk is, b.v. van maandag t/m vrijdag,
tussen 8u en 17u. In de zones waar de behoefte aan parkeerplaatsen zeer
groot is
en op plaatsen waar de gehandicapte persoon een korte duur
moet blijven kan het ook nuttig zijn de parkeerplaats voor een bepaalde
tijd te reserveren
(30 min. max.).
Bron : Ministeriele omzendbrief (referte : D1/010/70/33717/EL)
|