Officieel : De Gemeente - De Gemeenteraad - Het College van Burgemeester en Schepenen - De Gemeentediensten - Andere instellingen - Officiële mededelingen - Contracten Leven : Te Elsene wonen - Te Elsene opgroeien en leren - Te Elsene werken - Zich te Elsene vermaken - Te Elsene gezond zijn - Elsene net houden - Elsene doorlopen Handig : De informatie vinden - Een straat vinden - Een dienst lokaliseren - Administratieve aktes en documenten - Index van de site - Opzoek volgens thema Bezoeken : De geschiedenis van Elsene ontdekken - Te Elsene slenteren - Te Elsene snuffelen - Toeristisch Elsene Van dag to dag : Actualiteit - Agenda van de culturele, participatieve en sportevenementen - Werkenagenda - Openbare onderzoeken - Wedstrijden - Vacatures
Zoeken
Sitemap
Contact
Mailing list
Fotogalerij
e-Loket
Wettelijke vermeldingen
Ontdek het verleden van Elsene
Gemeentelijk blazoen

De geschiedenis van Elsene en van haar wijken

Waar komen de straatnamen vandaan ?

Burgemeesters van Elsene

Beroemde Elsenaren
Te Elsene slenteren
Te Elsene snuffelen
Toeristisch Elsene
De geschiedenis van Elsene en van haar wijken
  Inleiding - Oorsprong - Abdij Ter Kameren - Gewijde Boom - Naamsepoort - Brouwerijen - Beeldhouwkunst en architectuur - Kerken - Elsense begraafplaats - Matonge - Omroepcentrum - Groene ruimten - Leopold ruimte - De zangeressen, het gemeentehuis en omgeving - Markthal
           
De zangeressen, het gemeentehuis en omgeving
           
 

Een van de belangrijke personages van Elsene is de operazangeres Maria-Felicité Garcia, beter bekend als La Malibran. Na haar huwelijk met de handelaar aan wie zij de naam ontleende, huwde zij in 1836 in Parijs de Belgische violist Charles de Bériot (1802-1870) op de leeftijd van 28 jaar. Overleden in België, na een val van haar paard in Manchester, ligt zij begraven op het kerkhof van Laken. Het huidige gemeentehuis neemt het paviljoen in dat deze laatste in 1833 liet bouwen voor zijn geliefde, op de plaats van het herenhuis «Le Tulipant», eigendom van de secretaris van Karel van Lotharingen, Nicolas de Koraskeny, die er in 1768 woonde.

Het was gebouwd langs de Naamse Steenweg (huidige Elsensesteenweg) die Brussel verbond met Wallonië door de Vleurgatse- en, Waterloosesteenweg, daar de Steenweg op Charleroi nog niet was aangelegd. Het pittoreske aan deze geschiedenis is het feit dat, na zijn landhuis te hebben verkocht aan de gemeente in 1849, de violist een andere woning koos in Sint-Joost-ten-Noode die vandaag de dag eveneens dienst doet als gemeentehuis.

Gebouwd tussen 1833 en 1835 door Charles Vander Straeten, zoon van de burgemeester met dezelfde naam, auteur van het Paleis van de Academiën, bezat het neoklassieke landhuis in Elsene een tuin die gelegen was op het huidige Fernand Cocqplein (vroeger Leopoldplein, later Gemeenteplein). Het dankt zijn naam aan een oud-Burgemeester en Minister die tot de vrijmetselaars behoorde. Er stond een standbeeld van Leopold I, werk van de beeldhouwer Aimable Dutrieux. Sindsdien gebruikt de gemeenteadministratie deze plaatsen na te zijn gehuisvest in de Hondengatstraat (Brouwerijstraat) en daarna in het cabaret «Le Chasseur Vert» (79 Elsensesteenweg). Een overblijfsel van dit roemrijke verleden, de buste van de grote dame, gebeeldhouwd door haar echtgenoot, is te zien in de Raadzaal van het Gemeentehuis. Sinds 1974, heeft een halfafgesloten tuin de veel omstreden parking die er zich tot dan bevond, vervangen.

Een "tulpenweg" verbond het « Tulipantpark » met de Etterbeeksesteenweg, de huidige Waversesteenweg. Daar deze vol modder liep, werd er, in 1844, op aanvraag van de weduwe Cans, eigenares, een straat van gemaakt. Op nr. 28 bevond zich de brouwerij Preys, vertrekpunt van de postkoets van de gebroeders Balzat die Elsene verbond met Perwez.

Veel revolutionairder is wat de operazangeres Alexandra David-Neel (1868-1969), geboren in Parijs uit een Franse vader en een Brusselse moeder, doet die de eerste ontdekkingsreizigster wordt die in 1924 doordrong tot in de hoofdstad van Tibet. Zij woonde op nr. 17 van de Dublinstraat (1891-1894) en daarna op nr. 105 van de Faiderstraat (1895-1897). Zij stierf als honderdjarige en heeft veel geijverd voor het feminisme en de bevordering van het boeddhisme in de hele wereld.

De Mercelisstraat, genoemd naar een oud-grootgrondbezitster, had vanaf het begin van de eeuw een zaal met dezelfde naam, met een culturele bestemming en een capaciteit van 600 plaatsen. Zij vertoont de eigenschappen van een Italiaans theater met de kenmerken van een feestzaal, d.w.z. met een hoger platform dan dat van een traditionele zaal en zij is uitgerust met gemeenschappelijke loges. Ontworpen in de tweede helft van de XIXde eeuw op de eerste verdieping van een café, steekt zij uit boven de gemeentelijke bibliotheek die ingericht werd op de plaats van het oude café en zijn biljarttafels. Zij werd heringericht in 1955, en huisvest vandaag de dag, naast het Cultureel Centrum Georges Mundeleer, de diensten van Cultuur en Openbaar Onderwijs.

Bron : "De sleutels van Brussel", toeristische en culturele gids, ADISC Sport en Cultuur