Het is onze verantwoordelijkheid om in het licht van het boomerfgoed van de gemeente Elsene extra aandacht te geven aan de toekomst van de Lepoutrelaan als landschappelijk geheel. Deze belangrijke laan is met zijn dubbele rij kastanjebomen een gezichtsbepalend onderdeel van het landschap van de wijk.
De Louis Lepoutrelaan werd aan het begin van de 20e eeuw aangelegd in het kader van het Plan général d'alignement et d'expropriation par zones ("Algemeen plan voor de aanpassing aan de rooilijn en onteigening per zone") van de Berkendaalwijk. De kastanjebomen werden op hetzelfde moment als de aanleg geplant.
Het lijdt geen twijfel dat de kastanjebomen al decennialang, zoals ook elders in Europa wordt waargenomen, met ziektekiemen te maken krijgt die de bomen aantasten, waardoor een groot deel van de exemplaren aan de Lepoutrelaan momenteel aan het afsterven zijn.
De kap en de beveiliging van deze afstervende kastanjebomen is al enkele jaren aan de gang, waardoor de historische bomenrij van aanzicht verandert. Op 16 december 2025 werd tussen het Georges Brugmannplein en de doorgang tussen de François Stroobant en Mignot Delstanchestraat (na besluit van de burgemeester) een boom gekapt die direct gevaar voor de omgeving opleverde. Op 5 en 6 januari 2026 werden bovendien drie bomen beveiligd om vallende takken te voorkomen.
Vanwege een groot aantal factoren is de vervanging van stervende bomen nodig en zelfs van levensbelang, om de veiligheid van bewoners en gebruikers van deze laan te verzekeren. Het overgrote deel van de kastanjebomen aan deze laan is aangetast door de kastanjebloedingsziekte, die verantwoordelijk is voor het systematisch afsterven van deze bomen. Anderzijds is het van groot belang om aan de hand van een gedegen methodologie de bomen te vervangen zodat het prestigieuze karakter van deze gemeenteweg bewaard blijft.
De gemeente Elsene heeft besloten een stedenbouwkundige vergunning aan te vragen voor het kappen en vervangen van 13 zieke kastanjebomen op het gedeelte van de Louis Lepoutrelaan tussen het Brugmannplein en de doorgang tussen de Mignot Delstanche en Stroobantstraat en voor het aanplanten van 28 nieuwe bomen van drie verschillende soorten. De keuze voor deze soorten is ingegeven door verschillende dendrologische en landschappelijke kenmerken en door hun vergelijkbare groeiwijze.
Daarbij is het behoud van de bijzondere identiteit van deze plek onze leidraad.
Er zijn ook plannen om de paden opnieuw aan te leggen en de stoepranden en bloemperken te vervangen door nieuwe plantensoorten die beter zijn aangepast aan onze tijd en aan de weersomstandigheden waarmee we te maken hebben.

De populatie van kastanjebomen aan de Louis Lepoutrelaan heeft voor het merendeel het volwassen stadium bereikt. De meeste zogeheten "volgroeide" exemplaren staan er sinds ze aan het begin van de twintigste eeuw aangeplant werden. Daarmee kan worden gesproken van een bomenpopulatie met een relatief hoge leeftijd, al mag niet van "ouderdom" worden gesproken. Exemplaren uit het geslacht "Aesculus" kunnen tot 300 jaar oud worden als ze onder optimale omstandigheden werden aangeplant (bijv. op het platteland, in het bos, in het midden van een park). In een dichtbevolkte stedelijke omgeving, waar aantasting door milieuvervuiling op de loer ligt, worden deze bomen zelden ouder dan 80 of 90 jaar.
De omstandigheden waaronder de kastanjebomen aan de Lepoutrelaan zich hebben ontwikkeld zijn verre van optimaal vanwege meerdere factoren:
Om toekomstige incidenten te vermijden, zijn een aantal ingrepen noodzakelijk. Het bomenbestand moet worden herzien, met als prioriteit het gedeelte van de Louis Lepoutrelaan tussen het Brugmannplein en de doorgang tussen de Mignot Delstanche en Stroobantstraat. Van de vier delen wordt dit stuk door de inrichting van het Brugmannplein en de Louis Lepoutrelaan het meest blootgesteld aan de heersende winden (uit het zuidwesten) en het zwaarst aangetast. Het meest tastbare bewijs van dit fenomeen is de bijna volledige ontwrichting van het eerste deel van deze weg. Doorheen de tijd - en voornamelijk de afgelopen tien jaar - zijn er op dit gedeelte bomen gekapt en vervangen, waardoor het (boom)landschap erop achteruit is gegaan, ten koste van het betreurde lover van uitzonderlijke kwaliteit.
Dit gedeelte omvat een dubbele rij van 14 bomen, 28 bomen in het totaal, goed voor 40% van de bomen van de laan. Op basis van de fytosanitaire analyse van de bomen, kunnen we ze als volgt indelen:
De vijf bomen in de categorie 'gezond' zijn jonge bomen die recent werden aangeplant ter vervanging van de kastanjebomen die in de afgelopen vijf jaar zijn gekapt.
De zeven bomen in de categorie 'licht aangetast' zijn ook grotendeels bomen die in de afgelopen vijf jaar werden aangeplant. Ze bestaan voornamelijk uit jonge bomen (zes) en één volwassen boom. Door hun korte levensduur vertonen deze bomen geen grote structurele gebreken. Hoewel de vitaliteit en groeikracht van deze jonge aanplantingen hen een zekere veerkracht geven, zijn de eerste symptomen van de kastanjebloedingsziekte (Pseudomonas syringae Pv. Aesculii) reeds zichtbaar, zonder dat dit in dit stadium grote schade veroorzaakt.
De boom in de categorie 'aangetast' is een jong exemplaar met duidelijke structurele gebreken en symptomen van de kastanjebloedingsziekte.
De zeven bomen in de categorie 'afstervend' bestaan uit vijf volgroeide bomen en twee volwassen bomen. Die laatsten vertonen een groeistilstand en verkeren in erbarmelijke gezondheid en mechanische conditie. De bomen vormen echter geen onmiddellijk gevaar, ondanks hun onvermijdelijke aftakeling. De vijf overige bomen in deze categorie verkeren in een erg zorgwekkende gezondheidstoestand en mechanische conditie. Zij zijn allen ernstig en onomkeerbaar aangetast door verschillende ziektekiemen. Ze kunnen niet behouden worden en moeten beveiligd en vervolgens geveld worden.
De acht bomen in de categorie 'dood' zijn ofwel omgevallen door eerdere extreme weersomstandigheden, ofwel preventief veiliggesteld.
De gemeente Elsene heeft daarom een stedenbouwkundige vergunning ingediend om dertien kastanjebomen te vellen en vervangen. Het betreft vijf 'gezonde' bomen (allemaal jonge bomen die in de afgelopen vijf jaar zijn geplant), zeven 'licht aangetaste' bomen (zes jonge bomen die in de afgelopen vijf jaar zijn geplant) en één 'aangetaste' boom. Voor de zeven 'afstervende' en acht 'dode' bomen is geen stedenbouwkundige vergunning nodig. Zij worden eveneens vervangen.
Om de weerstand en kwaliteit van het bomenbestand in de Lepoutrelaan te verbeteren, worden de kastanjebomen die zijn verdwenen ten gevolge van extreme weersomstandigheden en de verschillende genomen acties (zoals het veiligstellen en kappen) vervangen door verschillende boomsoorten. Die soorten zijn beter bestand tegen de klimaatverandering, opkomende ziektes en luchtvervuiling en zullen meer bijdragen aan de biodiversiteit, de vermindering van hitte-eilanden en een rustige, veilige en verfrissende stedelijke omgeving.
Om de omvang van de historisch aanwezige bomen te behouden, moeten soorten gekozen worden die een gelijkaardige breedte en hoogte hebben als de volwassen kastanjebomen. Die zijn gemiddeld 16 meter hoog en hebben een kroonbreedte van 8 meter.
Het is van cruciaal belang om niet opnieuw kastanjebomen te planten, aangezien deze soort door verschillende ziektekiemen wordt aangetast, met name door de kastanjebloedingsziekte. Daarom werden drie verschillende boomsoorten gekozen voor de aanplanting van 28 nieuwe bomen.
De keuze voor deze soorten is ingegeven door verschillende dendrologische en landschappelijke kenmerken en door hun vergelijkbare groeiwijze. Het betreft de Europese netelboom (Celtis australis), de krimlinde (Tilia x europaea 'Euchlora') en de Siberische iep 'Flekova' (Zelkova serrata 'Flekova'), die op volwassen leeftijd een vergelijkbare omvang hebben als de huidige kastanjebomen (+/- 20 meter hoog en +/- 10 meter breed). De groei- en snoeivorm van de nieuwe aanplantingen zijn gelijkaardig aan de huidige samenstelling en bomenstructuur van de Louis Lepoutrelaan. De bomen zullen licht gesnoeid en onderhouden worden zodat ze een halfvrije groeiwijze krijgen. De drie soorten passen zich aan aan vrijwel elk bodemtype, zijn bestand tegen luchtvervuiling en de klimaatverandering, fungeren als waard- en voedselplant en zijn windbestendig. Er worden op dit stuk 28 nieuwe bomen aangeplant.
Bomen hebben niet alleen een sierfunctie, maar zijn ook essentieel in een stad: ze slaan koolstof op, verbeteren de luchtkwaliteit, bevorderen de infiltratie van regenwater, verminderen geluidsoverlast, beperken de windsnelheid, zorgen voor schaduw en gaan hitte-eilanden tegen.
De voorziene aanpassingen zullen het karakter van de Louis Lepoutrelaan respecteren. De paden worden opnieuw aangelegd en de beplantingen geharmoniseerd, met bijzondere aandacht voor de landschappelijke kwaliteit van de wijk.
We bevinden ons op een keerpunt in de geschiedenis van deze historische bomenrijen en als we vandaag niets doen, zou dit boomerfgoed geleidelijk aan kunnen verdwijnen op een ongecontroleerde en ongewenste manier. We hebben de plicht om toekomstige generaties een kwalitatief en bestendig boomerfgoed na te laten, dat inzet op een langetermijnaanpak en aansluit bij de nieuwe stedelijke realiteiten, terwijl het erfgoedkarakter van de wijk behouden blijft.
Meer informatie: Dienst Groene ruimten en Beplantingen
Laatste verandering: 2026-04-16 14:53:36
Gemeente Elsene • Copyright 2022 • Wettelijke vermeldingen • Transparentie